De grootste buitenlandse criticus van de Republiek der Nederlanden in de 18de eeuw heette James Madison.
In zijn ogen was Nederland een ordeloze en machteloze confederatie.
Madison was een zogenaamde "federalist": een voorstander van een sterk
centraal gezag, dat werd gekozen door het volk en gecontroleerd door
een vrije pers en door het volk gekozen vertegenwoordigers.
Voor hem was Nederland een regentenrepubliek in verval; verscheurd door gekibbel en dadeloosheid. Hij waarschuwde voor "Hollandse toestanden" als de Amerikanen niet zouden kiezen voor een daadkrachtige, centraal geleide republiek.
In "The Federalist Papers" legt hij uit dat om de vrijheid te verdedigen een heldere en sterke uitvoerende macht nodig is. In Federalist Paper nummer 20 heeft hij het over de "Belgische Confederatie" (d.i. de Republiek der Verenigde Nederlanden).
Hij schrijft over de gevolgen van de autonomie van de provincies en de vereiste consensus (unanimiteit) van de besluitvorming:
Imbecility in the government; discord among the provinces; foreign influence and indignities; a precarious existence in peace and peculiar calamaties from war. (op. cit p. 131)
Verder schrijft hij over "anarchy manifest in the confederacy" en de "tendency to anarchy and dissolution". Hij noemt de Nederlanders een "unhappy people" en hoopt dat ze eens de eenheid en daadkracht kunnen vinden die hen kan redden van de "catastrophe of their own".

Madison heeft echter ook weinig illusie over het gebruik van macht door feilbare mensen. Een beroemde uitspraak van hem is:
"If men were angels, no government would be necessary. If angels were to govern men, neither external nor internal controls on government would be necessary. In framing a government which is to be administered by men over men, the great difficulty lies in this: you must first enable government to control the governed; and in the next place oblige it to control itself." Federalist Papers, no. 51.
Hij ontwierp voor Amerika een systeem van "checks and balances" om aan de gevaren van tirannie en anarchie te ontkomen.
Voor hem was Nederland een regentenrepubliek in verval; verscheurd door gekibbel en dadeloosheid. Hij waarschuwde voor "Hollandse toestanden" als de Amerikanen niet zouden kiezen voor een daadkrachtige, centraal geleide republiek.
In "The Federalist Papers" legt hij uit dat om de vrijheid te verdedigen een heldere en sterke uitvoerende macht nodig is. In Federalist Paper nummer 20 heeft hij het over de "Belgische Confederatie" (d.i. de Republiek der Verenigde Nederlanden).
Hij schrijft over de gevolgen van de autonomie van de provincies en de vereiste consensus (unanimiteit) van de besluitvorming:
Imbecility in the government; discord among the provinces; foreign influence and indignities; a precarious existence in peace and peculiar calamaties from war. (op. cit p. 131)
Verder schrijft hij over "anarchy manifest in the confederacy" en de "tendency to anarchy and dissolution". Hij noemt de Nederlanders een "unhappy people" en hoopt dat ze eens de eenheid en daadkracht kunnen vinden die hen kan redden van de "catastrophe of their own".

Madison heeft echter ook weinig illusie over het gebruik van macht door feilbare mensen. Een beroemde uitspraak van hem is:
"If men were angels, no government would be necessary. If angels were to govern men, neither external nor internal controls on government would be necessary. In framing a government which is to be administered by men over men, the great difficulty lies in this: you must first enable government to control the governed; and in the next place oblige it to control itself." Federalist Papers, no. 51.
Hij ontwierp voor Amerika een systeem van "checks and balances" om aan de gevaren van tirannie en anarchie te ontkomen.
James Madison's "dikke" Amerikaanse republiek verder lezen.
