Recent in de categorie Elite

Praesidium Libertatis

| 0 reacties

Op 8 februari 2005 ontving koningin Beatrix een eredoctoraat van de ruim 430 jaar oude Universiteit van Leiden. Ze hield daarbij een inmiddels klassiek geworden oratie.


Op de dies natalis kreeg de nazaat van de stichter van de Universiteit, Willem de Zwijger, erkenning voor haar inzet voor "de vrijheid". Eerder kwam alleen Nelson Mandela in aanmerking voor een dergelijke onderscheiding.


De Leidse rector Douwe Breimer maakte al snel duidelijk dat het bij Beatrix vooral ging om de "vrijheid in verantwoordelijkheid".


In de oratie na de verlening van het eredoctoraat sprak het hoofd van het Koninklijk Huis over haar betrokkenheid bij de res publica. Dit republikeinse begrip is voor haar dé motivatie om zich met volle inzet van haar ambt te kwijten.


"Omdat de Koning "boven" de partijen staat, kan hij zich ongebonden en volledig inzetten voor de publieke zaak, de res publica. Dit begrip - ook oorsprong van het woord "republiek" - is hèt uitgangspunt dat deze functie de moeite waard maakt."


Een koninklijke knipoog naar het republikeinse verleden van Nederland...


"In ons staatsrechtelijk systeem functioneert het Koningschap onder de bescherming van de ministeriële verantwoordelijkheid. Deze verantwoordelijkheid had in het verleden vooral een beperkend karakter maar werd vanaf de jaren tachtig minder eng geïnterpreteerd. Dankzij opeenvolgende minister-presidenten kreeg ik de mogelijkheid nieuwe terreinen te betreden, in brede kringen van de samenleving met mensen te spreken en in het algemeen de functie een ruimere maatschappelijke invulling te geven. Dat het staatshoofd geen politieke verantwoording verschuldigd is, betekent niet dat hij geen èigen verantwoordelijkheid draagt."


Hier claimt de vorstin voor zichzelf de handelingsruimte die zij in samenwerking met de premiers vanaf Lubbers heeft bevochten en vervolgens fundeert zij die op het "verbond" tussen de Volksververtegenwoordiging en de Koning.


"Zodra hij het koningschap heeft aanvaard, legt de Koning immers in de Verenigde Vergadering van de Staten-Generaal de plechtige eed af het Statuut voor het Koninkrijk en de Grondwet steeds te zullen onderhouden en handhaven en de vrijheid en rechten van alle ingezetenen te zullen beschermen. De Volksvertegenwoordiging van haar kant zweert of belooft de onschendbaarheid en de rechten van de Koning te handhaven. Het gaat om een tweezijdig verbond dat bij elke nieuwe Koning wordt bevestigd. Het Statuut en de Grondwet zijn de gemeenschappelijke basis voor de staatkundige verhoudingen. Binnen die verhoudingen moet de Koning vanzelfsprekend goed worden geïnformeerd en wordt van hem verwacht dat hij, waar nodig, zal waarschuwen of bemoedigen."


Beatrix is een zeer zelfbewust deel van de Regering en wil dat ook blijven. Ze wil het ambt zoals zij dat heeft vormgegeven "ongeschonden" doorgeven aan haar opvolger(s).


"Als symbool van de continuïteit en schakel tussen verleden en toekomst, heeft hij bovendien, zoals alle publieke ambtsdragers, de verantwoordelijkheid het ambt in alle waardigheid ongeschonden door te geven aan de volgende generatie."


En daar knelt de schoen. Het is heel goed mogelijk dat zij verantwoordelijk met haar gewonnen vrijheid kan omgaan, hoewel de controle door met name de Volksvertegenwoordiging soms ontbreekt (zie "het geheim van Noordeinde"). Of haar opvolger(s) dat ook zullen doen, is nog maar de vraag. Familieaangelegenheden kunnen roet in het eten gooien.


"Ik besef dat familieaangelegenheden direct op het ambt kunnen terugslaan. Dit geldt zeker in een tijd waarin 'de mens achter de ambtsdrager' zozeer wordt uitgelicht."


Het monarchisme blijft een instituut dat zo nu en dan redelijke staatshoofden aflevert, maar ook zwakke heersers, zoals stadhouder Willem "Batavus" V, die in 1787 de hulp van Pruisische troepen inriep om zijn "rechten" te beschermen.


Het echte bolwerk van de vrijheid (Praesidium Libertatis) en dus de res publica is het soevereine volk en kan niet gedeeld worden door een eedverbond tussen een erfelijk staatshoofd en de Volksvertegenwoording.


Zodra de Volksvertegenwoordiging besluit haar of haar opvolger(s) uit de regering te zetten, zal ze haar "rechten" en "vrijheden" moeten inperken tot een louter ceremonieel functioneren.


Tot dan zal Beatrix een bolwerk van haar koninklijke vrijheid blijven.

Een gemankeerde republiek

| 0 reacties

Artikel 50 van de Grondwet is een republikeinse erfenis; het artikel dat het dichtst in de buurt komt van de volkssoevereiniteit (de Nederlande politieke traditie heeft het volk nooit echte soevereiniteit willen verlenen).


Het artikel luidt:


De Staten-Generaal vertegenwoordigen het gehele Nederlandse volk.


"Deze bepaling is op zich via de Staatsregeling voor het Bataafse volk uit 1798 terug te voeren tot de Franse constitutie uit 1791, waarin staat de vertegenwoordigers 'la Nation entière' vertegenwoordigen." (R.A. Koole)


Artikel 50 vertegenwoordigt de republikeinse traditie van de ene, ondeelbare natie; het primaat van de politiek (republiek) over het geloof en de onverlichte traditie. Deze opvatting gaat terug op Baruch Spinoza. Het land dat deze republikeinse lijn volgt is Frankrijk.


Dit is het tegendeel van de neutrale, pluriforme natie van de liberale politieke filosoof Locke. De Verenigde Staten zijn in grote mate beïnvloed door Locke; het is de eerste multiculturele republiek ter wereld.


Beide seculiere opvattingen staan tegenwoordig onder druk. Pure religies zijn in opkomst en voeden onverdraagzame, gewelddadige bewegingen die zich tegen de liberale en/of republikeins-democratische staat richten.


In Nederland is artikel 50 in het ongerede geraakt. Het parlement als geheel is nimmer zwakker geweest dan tegenwoordig. Alles staat of valt bij het pluriforme partijensysteem dat zich echter ook in een grote crisis bevindt. Er is geen enkel publiek gezag dat het volk als geheel kan vertegenwoordigen. Het vertrouwen in de politiek is dan ook zeer laag.


Een republiek vermomd als monarchie?

| 1 reactie
Voor Charles de Montesquieu was een "republiek vermomd als monarchie" de ideale politeia (republiek).

Net als Aristoteles vond hij het belangrijk dat de aristocratische (Senaat) en democratische (Volksvertegenwoordiging) elementen in een staat met elkaar in evenwicht waren. Hij voegde daar een monarchistisch element aan toe: een door de grondwet gebonden koning als staatshoofd.

Het gemengde republikeinse systeem van Aristoteles werd voltooid door ook de monarchie een rol te laten spelen in de staat.

In Engeland werd dit systeem ingevoerd na de Glorious Revolution van 1688 en verder vervolmaakt onder invloed van de Whigs (de liberalen).

In Nederland kon men tijdens de Opstand in de 16de eeuw geen monarch vinden, waardoor de soevereiniteit uiteindelijk kwam te liggen bij de Staten-Generaal. Pas in 1814 vond men een koning: Willem I was bereid staatshoofd te worden van de Verenigde Nederlanden.

De Belgen hadden al snel genoeg van Willem's autoritaire beleid en scheidden zich af in 1830 na een in wezen liberale, republikeinse opstand. De nieuwe staat werd opgetuigd met republikeinse instituties (Senaat, Volksvertegenwoordiging) en men zocht er vervolgens een geschikt staatshoofd bij.

De Hollandse koning werd uiteindelijk getemd door een republikeinse omslag in 1848 onder leiding van de liberaal Thorbecke, die de ministeriële verantwoordelijkheid invoerde.

Sindsdien is Nederland een politeia naar de zin van Montesquieu; een republikeinse politieke cultuur met een koning als monarchistisch toefje.

Over dit archief

Deze pagina is een archief van recente berichten in de Elite categorie.

Parlementarisme is de volgende categorie.

De nieuwste berichten zijn te vinden op de hoofdpagina of kijk in de archieven om alle berichten te zien.

augustus 2010

Zo   Ma   Di   Wo   Do   Vr   Za
1 2 3 4 5 6 7
8 9 10 11 12 13 14
15 16 17 18 19 20 21
22 23 24 25 26 27 28
29 30 31